In 1968 bestond bij diverse mensen in Eemnes het verlangen om te komen tot een georganiseerd carnaval. De zotten van weleer gingen rond een tafel zitten met als resultaat de geboorte van de plaatselijke carnavalsvereniging: De Sliertjes. Na een bescheiden start om in de Eemnesser gemeenschap deze vorm van ontspanning gestalte te geven groeiden de Slierten uit tot een 'perfect' georganiseerde vereniging. De naam De Sliertjes is ontstaan door het grote feest waarbij men van het nu Het Oude Raadhuis ging schaatsen tot aan de haven van Eemnes, in een Sliert heen en weer, vele mensen deden mee, borreltje en weer terug.

De eerste Prins was Jan Rooyakkers, een uit Brabant naar Eemnes geëmigreerde carnavalist. Begonnen de Slierten gewoontegetrouw op de 11e van de 11e met de uitverkiezing van de Prins in 'De Vleermuis', via het de week daarop gevierde Prinsenbals sloten ze de eerste helft van het carnavalsseizoen af.  Met menige nieuwjaarsreceptie begonnen ze dan weer monter aan het 2e deel, alras gevolgd door het Boerenkielenbal in de maand januari, het Grote Carnaval in februari en de Dweilavond in maart. Door de jaren heen hebben via de Sliertjes heel wat vrienden en kennissen kennis kunnen maken met het Eemnesser carnaval en hebben velen bonte avonden beleefd. Velen hebben avonden kunnen genieten van hun pilsje voor aan de bar of op het biljart bij 'Saase' terwijl achter in de zaal het feestgedruis volop werd ontwikkeld.

Er gaan verhalen dat er in die jaren genoeg carnavalsvierders niet verder kwamen dan het voorste gedeelte van 'Café Eemland'.  Af en toe werden ze dan gestoord door dampende, stampende polonaisegangers, maar daar bleef het dan ook bij.

Het Sliertengebeuren toonde ook veel creativiteit en andere geinige onzin. Het was geen enkel probleem het ene jaar met paard en wagen bij Saase binnen te rijden en het seizoen daarop de Prins te onthullen middels een nagemaakt viaduct van de destijds geopende snelweg, de A-27.

Zo kwam er ook eens een Prins uit een reuzenboerenkool gekropen en een andere kwam uit een van zijn vrouw (gestolen) rode Fiat-500. De muzikale ondersteuning kwam in die tijd o.a. van de Confetties, The Jolly Jokers, Multi Sound en het onvolprezen Homogeen Sextet. De motto's in die jaren waren ook niet van de lucht: Voor de Gein moet men bij de Slierten zijn of: Neem de pint in de hand en blijf niet aan de kant. Nog een mooie was: Wat er ook gaat gebeuren, laat de pijp niet kleuren. Hiermee werd ingespeeld op de landelijke introductie van het blaaspijpje. Origineel waren de proclamaties, waarin vooral de plaatselijke politiek op de korrel werd genomen. Dit alles natuurlijk tot verhoging van de carnavalsleut,  het feest der zotten dat zo vaak in allerlei superlatieven werd na gesproken.

Social

      

Volgende activiteit

Geen evenementen

Aftermovie

Nieuwsbrief